|
Het concept van God in het Christendom,
door Dr. Zakir Naik.
Christendom inleiding
Het Christendom is een Semitische religie, die zegt ongeveer 1.2
biljoen volgelingen te hebben over de wereld. Het Christendom
komt aan zijn naam door Jezus Christus (vrede zij met hem). De Heilige Bijbel
is het heilige boek van de Christenen.
- De Bijbel is onderverdeeld in twee delen, het
Oude Testament en het Nieuwe Testament. Het Oude Testament is het Heilige
Boek van de Joden en houdt verhalen bij van alle profeten van de Joden,
die voor Jezus (as) kwamen.
In Het
Nieuwe Testament staan gebeurtenissen van het leven van Jezus (as).
- De complete Bijbel (het Oude Testament en het
Nieuwe Testament samen), bevat 73 boeken. Desondanks, bevat de
Protestantse Bijbel (de King James
versie) 66 boeken, want ze zeggen dat 7 boeken van het Oude Testament apocrypha (van twijfelachtige autoriteit) zijn.
Daarom
bevat het Oude Testament van de Katholieken 46 boeken en dat van de
Protestanten 39 boeken. Het Nieuwe Testament van beiden van deze stromingen
bevat 27 boeken.
I. De Positie van Jezus (as) in de
Islam
- De Islam is het enige niet-Christelijke
geloof dat het een onderdeel van het geloof maakt om te geloven in Jezus.
Geen moslim is echt een moslim als hij niet gelooft in Jezus.
- Wij geloven dat hij n van de grootste
Boodschappers van Allah, Ta'ala was.
- Wij geloven dat hij geboren was op een
miraculeuze wijze, zonder mannelijke interventie. (Wat veel moderne
Christenen vandaag de dag niet meer geloven)
- We geloven dat hij de Messias was (vertaling
Christus) .
- We geloven dat hij, met de toestemming van
God, leven gaf aan de doden
- Wij geloven dat hij de blinden genas, en de
leprozen, met de toestemming van God.
II. Concept van God
in het Christendom:
1.
Jezus (as) heeft nooit Goddelijkheid geclaimd:
Iemand kan zich afvragen: als zowel
de moslims als de christen van Jezus houden en hem respecteren, waar precies scheiden
zich dan de wegen?
Het grootste verschil tussen de Islam
en het Christendom is de christelijke vasthoudendheid
aan de zogenaamde 'goddelijkheid' van Jezus. Een studie van de Christelijke
geschriften tonen echter aan de Jezus nooit deze goddelijkheid heeft geclaimd.
In werkelijkheid staat er geen enkel duidelijk statement in de gehele Bijbel,
waar Jezus zelf zegt:"Ik ben God" of waar hij zegt, "aanbid mij". In
werkelijkheid bevat de Bijbel verklaringen van Jezus waarin hij juist het
tegenovergestelde preekt. De volgende verklaringen in de Bijbel zijn aan Jezus
toegewezen:
a.
"Mijn
Vader is meerder dan Ik." (Bijbel, Johannes 14:28)
b.
"Mijn
Vader, die ze Mij gegeven heeft, is meerder dan allen" (Bijbel, Johannes 10:29)
c.
".Maar
indien Ik door den Geest Gods de duivelen uitwerp" (De Bijbel, Matheus 12:28)
d. ".Maar indien Ik door den vinger Gods de duivelen uitwerp.."
(Bijbel,
Lucas 11:20)
e. "Ik kan van Mijzelven niets doen. Gelijk Ik hoor, oordeel Ik, en Mijn
oordeel is rechtvaardig; want Ik zoek niet Mijn wil, maar den wil des Vaders,
Die Mij gezonden heeft." (Bijbel, Johannes 5:30)
2. De Missie van Jezus (as) - het
uitvoeren van de Wet
Jezus (as) heeft nooit geclaimd dat
hij god was. Hij maakte duidelijk bekend wat het doel van zijn missie was.
Jezus (as) was gezonden door God, om de voorgaande Joodse wet te bevestigen.
Dit staat heel duidelijk in de nu volgende verklaringen, die aan Jezus (as)
worden toegeschreven. In het Gospel van Matheus:
"Meent niet, dat Ik gekomen ben, om de wet of de profeten
te ontbinden; Ik ben niet gekomen, om die te ontbinden, maar te
vervullen.
Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde
voorbijgaan, zal er niet een jota noch een tittel van de wet voorbijgaan,
totdat het alles zal zijn geschied.
Zo wie dan een van deze minste geboden zal ontbonden, en
de mensen alzo zal geleerd hebben, die zal de
minste genaamd worden in het Koninkrijk der hemelen; maar zo wie dezelve
zal gedaan en geleerd hebben, die zal groot genaamd worden in het Koninkrijk
der hemelen.
Want Ik zeg u: Tenzij uw gerechtigheid overvloediger zij,
dan der Schriftgeleerden en der Farizeen, dat gij in het Koninkrijk der hemelen geenszins zult ingaan." Bijbel
Matheus 5: 17-20
3. God heeft Jezus (as) gezonden
De bijbel vermeldt het profetische
karakter van de missie van Jezus (as) in de volgende verzen:
".en het woord dat gijlieden
hoort, is het Mijne niet, maar des Vaders, Die Mij gezonden heeft."
Johannes 14:24 (bijbel)
"En dit is het eeuwige leven, dat zij
U kennen, den enigen waarachtigen God, en Jezus
Christus, Dien Gij gezonden hebt" Bijbel, Johannes 17:3)
4. Jezus (as) verwierp zelfs de
geringste bewering van zijn Goddelijkheid
Denk maar
eens na over het hierna volgende incident dat in de Bijbel staat.
"En ziet, er kwam een tot Hem, en zeide
tot Hem: Goede Meester! wat zal ik goeds doen, opdat
ik het eeuwige leven hebbe?
En Hij zeide tot hem: Wat noemt gij Mij goed? Niemand is goed dan Een, namelijk God.
Doch wilt gij in het leven ingaan, onderhoud de
geboden." Bijbel, Matheus 19:16-17
Jezus zei niet dat men, om het
eeuwige leven in het Paradijs te verkrijgen, in hem moest geloven als de
Almachtige God, of om hem te aanbidden, of te geloven dat Jezus zou sterven voor hun zonden. Integendeel, hij
zei dat men naar het Pad van de Redding zou worden geleid als men zich aan de Geboden
zou houden. Het is inderdaad treffend om even aan te merken dat er een verschil
zit tussen de woorden van Jezus en het christelijke dogma van de redding door
de opoffering van Jezus .
5. Jezus (as) van Nazareth; een man
goedgekeurd door God
De volgende verklaring uit de
Bijbel ondersteunt het Islamitische geloof: dat Jezus een Profeet van God was.
"Gij
Israelietische mannen, hoort deze woorden: Jezus den Nazarener, een Man van God, onder ulieden
betoond door krachten, en wonderen, en tekenen, die God door Hem gedaan heeft,
in het midden van u, gelijk ook gijzelven weet; " (Bijbel,
Handelingen 2:22)
6. Het eerste
gebod is dat God Éen is.
De Bijbel ondersteunt het
Christelijke geloof van de drie-eenheid geheel niet. Een van de schriftgeleerden
vroeg eens aan Jezus , welk gebod het eerste van de geboden was, waarop
Jezus enkel en alleen herhaalde, wat Moesa reeds eerder gezegd had:
"Shama
Israelu Adonai lla Hayno Adonai
Ikhad" .Dit is een Hebreeuws citaat, dat betekend:
"En Jezus antwoordde hem: Het
eerste van al de geboden is: Hoor, Israel, de Heere, onze God, is een enig Heere." (Bijbel, Markus 12:29)
Het is opvallend dat de basis leerstellingen van de Kerk, zoals
de Drie-Eenheid en het zoenoffer van Christus,
nergens te vinden is in de Bijbel. In feite, diverse verzen van de Bijbel geven
aan wat de eigenlijke missie van Jezus
is, het vervullen van de wet die reeds was
geopenbaard aan de Profeet Moesa . Inderdaad verwierp
Jezus elke
suggestie die goddelijkheid aan hem zou toekennen, en legde zijn wonderen uit
als de kracht van de Ene Echte God en niet met de kracht van hem.
Jezus herhaalde dus de boodschap van het
monothesme dat reeds was gegeven door alle vroegere Profeten van de Almachtige
God.
Opmerking: Alle citaten uit de Bijbel zijn overgenomen van de
Nederlandse Statenvertaling.
III. Het concept van
god in het oude testament:
1. God is Éen
Het volgende vers van het boek van Deuteronomium,
bevat een oproep van Moesa (as).
"Shama Israelu Adonai lla Hayno Adna
Ikhad"
Dit is een Hebreeuws citaat dat betekend:
"Hoor, Israel! de
HEERE, onze God, is een enig HEERE!"
(Bijbel, Deuteronomium 6:4)
2. De Eenheid van God in het boek van Jesaja
"Ik, Ik ben de HEERE, en er is geen
Heiland behalve Mij. (Bijbel, Jesaja 43:11)
Ik ben de HEERE, en niemand meer,
buiten Mij is er geen God; Ik zal u gorden, hoewel gij
Mij niet kent (Bijbel, Jesaja 45: 5)
Gedenkt der vorige dingen van oude tijden af, dat Ik God ben, en
er is geen God meer, en er is niet gelijk Ik;" (Bijbel, Jesaja
46:9)
3. Het Oude Testament verwerpt de afgoderij
Het Oude Testament verwerpt afgoderij in de volgende verzen: "Gij
zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.
Gij zult u geen
gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken, van hetgeen boven in
den hemel is, noch van hetgeen onder op de aarde is, noch van
hetgeen in de wateren onder de aarde is.
Gij zult u voor die
niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de HEERE uw God, ben een ijverig God,
Die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde, en aan het
vierde lid dergenen, die Mij haten;" (Bijbel,
Exodus 20: 3-5)
Eenzelfde boodschap wordt herhaald in het
boek van Deuteronomium:
"Gij zult geen andere goden voor Mijn
aangezicht hebben.
Gij zult u geen
gesneden beeld maken, noch enige gelijkenis, van hetgeen boven in
den hemel, of onder op de aarde is; of in het water onder de aarde is;
Gij zult u voor die
niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de HEERE, uw
God, ben een ijverig God, Die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, en
aan het derde, en aan het vierde lid dergenen,
die Mij haten;" (De Bijbel, Deuteronomium 5:7-9)
|